Boven op deze massieve benedenverdieping verheft zich
de zuilenverdieping, met Italiaanse zuilen (uit Ravenna) en Karolingisch verguld bronzen
traliewerk. (Sommige zuilen zijn kopieën.) In het octogoon hangt de gekende Barbarossaleuchter
uit de 12e eeuw, symbool van het hemelse Jeruzalem. Deze luchter werd in opdracht van
Barbarossa gemaakt, die een hevig bewonderaar van Karel de Grote was.
De huidige restauratie, met marmer tegen de pijlers en
de wanden, en met mozaïeken in de gewelven dateert van het begin van onze eeuw.
We gaan nu rond het Octogon door de zgn.
sechzehneckiger Umgang (4). Ook hier zijn de plafonds mooi versierd.
Aan de buitenzijde van deze Umgang werden verscheidene
kapelletjes gebouwd.
We gaan tot bij het hoofdaltaar (tussen 4 en 5). Het
staat op dezelfde plaats als ten tijde van Karel, en is opgebouwd uit Karolingische
platen. Glansstuk is de "pala d'oro", de altaarplaat die rond 1020 voltooid
werd. Het origineel staat in de Domschatzkammer.
Nu naar de Chorhalle: tussen de pijlers van de
enorme koorhal (soms tussen 13 en 14 uur toegankelijk) vormen 27 m hoge vensters een
glasoppervlakte van 1000 m². Hierdoor kreeg dit koor de naam Glashaus von Aachen.
Oorlogsschade noodzaakte tot nieuwe vormgeving van deze
vensters (1950). Hier in het koor staat het Karlsschrein dat reeds sinds 1215 het
gebeente van Karel de Grote bevat.
Als het mogelijk is, ga dan een kijkje nemen in de
Chorhalle.
Draai je in de Chorhalle (of vlak voor de pala d'oro)
even richting ingang en kijk naar de eerste verdieping (aan overzijde van
octogoon). Daar staat de eenvoudige troon van Karel, van waarop hij de kerkelijke
diensten, zowel aan het altaar van de bovenverdieping als beneden, kon volgen, en waar
iedereen hem kon zien zitten. Dit gedeelte van de dom kan echter alleen met een gids
bezocht worden (ca. 3 DEM). (Ten tijde van Karel stond het altaar niet op dezelfde
plaats als nu.)
In 1430 werden de pijlers van de Chorhalle versierd met
grote beelden. Behalve de 12 apostelen werden hier nog 2 gekende figuren afgebeeld (de
opdrachtgever van de Pfalzkapelle houdt een maquette van de kapel vast).
Tegen een koorwand staat de beroemde gouden preekstoel,
goldene Kanzel of Ambo genoemd, een geschenk van Hendrik II (ca. 1120).
Let op de ingewerkte antieke rariteiten zoals de grote halfedelstenen. Aan de
tegenoverliggende wand vinden we dan de barokke bisschopsstoel uit 1742.
Opnieuw (of nog steeds) betreden we de Umgang rond het
octogoon.
Links van het altaar (met je gezicht ernaartoe) bevindt
zich normaal gezien het Marienschrein dat relikwieën van Maria bevat. Het schrijn
is nu (d.w.z. tot 2000) voor restauratie weg. In de plaats daarvan staat er een wapenkist
(met de inhoud van het Mariaschrijn).
Voor de zuil rechts van het altaar staat een beeld uit
de 14e eeuw van de rijkste vrouw van Aachen. In de loop der eeuwen werden haar heel wat
gewaden en sieraden geschonken. In de loop van het jaar draagt zij dan ook geregeld andere
kleren uit haar 'collectie'. (In de maand mei zou zij bijzonder mooie kleren dragen.)
Ga nu terug naar de ingang van de Dom.
Bijna in de hoek naar de Westbouw staat de Romaanse
doopvont uit de doopkapel.
Je krijgt nu buiten nog wat uitleg over de dom. We
bevinden ons aan de westzijde van de kerk, aan de zgn. Wolfstür. Bij deze deur en bij de
bouw van de dom hoort een legende. (Verhaal volgt mondeling.)
De Wolfstür is de eerste bronzen deur uit de
Middeleeuwen en iedere vleugel werd uit één stuk gegoten. De leeuwenkoppen zijn opgezet.
EINDE DOMBEZOEK